arrow_drop_up arrow_drop_down
De één zijn brood is de ander zijn brood
30 april 2020 

De één zijn brood is de ander zijn brood

We zijn beland in waarschijnlijk de grootste crisis van onze generatie. Beslissingen die nu en de komende weken genomen worden kunnen de wereld om ons heen voor jaren bepalen. Hoe we eruit komen, weten we niet. Maar de burger, de overheid en het bedrijfsleven; ze betreden snel het post-coronatijdperk, de anderhalvemetereconomie.

De burger oefent al: thuiswerken, afstand houden, meer online actief en gezondheid checken. Op de schaal van het individu is het effect al behoorlijk ingrijpend. Maar: het is te doen. Wat cruciaal is voor de burger is dat hij op de overheid, de media en de wetenschap moet kunnen vertrouwen.

 

De nieuwe rol van de overheid – geen ‘America first’

De nieuwe rol van de overheid is minder helder en méér bepalend. Wordt zij Big Brother, die de oogbewegingen en de lichaamstemperatuur van miljoenen burgers via sensoren op hun smartphones kan registreren en met krachtige algoritmes kan analyseren? Of is zij de Grand Empowerment Mechanism voor burgers en bedrijven? Stimuleert ze eigen verantwoordelijkheid bij burgers en spreekt ze innovatief vermogen van bedrijven aan? En wordt zij, als institutie zonder commercieel belang, eigenaar van alles wat vitaal is voor ons mensen? Hoe ver kan dat gaan: medisch IP, defensie-IP, olie, …?

De vraag komt ook op waar de overheid haar bevoegdheden effectief inzet en waar ze deze crisis oneigenlijk aangrijpt (Hongarije, Israël, ..?) en politici en veiligheidsdiensten macht kunnen uitoefenen op basis van biometrische data die verder kunnen gaan dan je lichaamstemperatuur. ‘Je lachte om een clip van Fox? Je werd boos over de minister van Justitie?’

In enkele weken ontstaan nieuwe internationale verhoudingen. Poetin die Trump hulp aanbiedt en Trump die Khamenei hulp aanbiedt. Wie had dat in 2019 kunnen denken? Het wereldwijd delen van informatie én van vitale middelen was nog nooit zo belangrijk, zie ook Harari’s prachtige boek 21 lessen voor de 21ste eeuw over maatschappelijke en technologische vraagstukken die over landsgrenzen heen aangepakt moeten worden. Wereldwijde crises verhouden zich slecht met ‘America first’-achtige prioriteitsstellingen.

 

Het bedrijfsleven – óók sociale interventies

Tegelijkertijd zien we dat bedrijven juist geraakt worden door de barrières in het internationale verkeer en terugvallen op het eigen land. Stilvallende productie in China, wegvallende toeleveranciers, vertragingen in leveringsketens: de chief officers merken hoeveel wederzijdse afhankelijkheid er is ontstaan.

In het bedrijfsleven zien we grofweg twee verschillende reacties op al deze ontwikkelingen. Enerzijds wordt in kosten gesneden, worden investeringen uitgesteld, worden tijdelijke contracten niet verlengd en worden bedrijfsonderdelen gestopt. Laten we het voor het gemak ‘het gebruikelijke pakket’ aan recessiemaatregelen noemen.

Anderzijds zien we naast deze traditionele reflex nu nieuwe sociale interventies ontstaan, vanuit het besef bij chief officers hoezeer we elkaar nodig hebben. Bedrijven hebben écht oog voor hun stakeholders. Ze ontzien hun klanten en hun toeleveranciers. Voedsel- en verzorgingsproducenten schenken zeep en voeding, technologiegiganten ontwikkelen gratis apps, internetproviders bieden gratis internet aan, banken en verzekeraars accepteren uitstel van aflossing en premie- en rentebetaling, vastgoedexploitanten stellen verhuurtermijnen uit. Bestuurders leveren salarissen en beloningen in, aandeelhouders ontvangen geen dividend. Medewerkers ontvangen arbeidszekerheid. Solidariteit die zich op langere termijn terugverdient. Samen in slechte tijden de pijn delen en in goede tijden oogsten. Denken over de life cycle – letterlijk de levenscyclus – van al onze stakeholders.

Niets is zo effectief voor de vaststelling van de prijs van gezondheid en veiligheid als een crisis of een ramp. De huidige bestuurders zijn gevormd in jaren waarin we de kracht van de vrije markt vooropstelden, jaarlijks uitsluitend groeicijfers prognosticeerden en de overheid als probleem zagen. Jaren van vastgoedexploitanten, flitskapitaalbeleggers, snel, veel, sneller, meer. Nieuwe generaties hebben twee crises meegemaakt (2008 en 2020) waarbij de overheid drastisch intervenieerde en waarbij collectieve waarden in het geding zijn.

 

Overheid én bedrijfsleven werken op basis van een sociaal contract

Het mooie, voor zover we dat woord mogen gebruiken, van de nieuwste crisis is dat het ‘wij/zij’-frame niet werkt. Wereldwijd ervaren we dezelfde crisis, die we te lijf gaan op basis van een sociaal contract. Bestuurskundige De Bruijn citeert in zijn fraaie analyse (in het dagblad Trouw) de New Yorkse gouverneur Cuomo: ‘Ik moet op je kunnen vertrouwen en dat betekent dat jij je intelligent en verantwoord moet gedragen, bij alles wat jij doet. En jij moet op mij kunnen vertrouwen dus ik moet me intelligent en verantwoord gedragen, bij alles wat ik doe. Dat is het sociale contract tussen ons’.

Bedrijven die bijdragen aan de oplossing van maatschappelijke vraagstukken. Die vitale middelen voor gezondheid en veiligheid organiseren en beschikbaar stellen. Die 100% relevant zijn voor al hun stakeholders. Samen sterk. De één zijn brood is de ander zijn brood.

Over de schrijver
Binnen Kirkman Company ben ik werkzaam bij de practice Sourcing & Partnerships. Wij transformeren organisaties door ze anders te laten kijken naar hun samenwerkingspartners en ecosystemen, door bewust keuzes te maken tussen zelf doen (make), uitbesteden (buy) en samenwerken (ally), hen te begeleiden in sourcingstrajecten en het vormgeven van partnerships en ecosystemen.
Reactie plaatsen